Quote (Hellskin @ 30 Mar 2011 17:44)
ben even m'n aansprakelijkheidsrecht aan het voorbereiden met oefen casusjes:
1.
Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en een aanvaarding daarvan art. 6:217 bw Koop is een overeenkomst waarbij de een zich verbindt een zaak te geven en de ander om daarvoor een prijs in geld te betalen art. 7:1 bw. De verbintenis die uit de koopovereenkomst voort vloeit is dat de koper een geldbedrag verschuldigd is en de verkoper moet de koper overhandigen.
2.
Het aanbod is niet meer geldig want: Een mondeling aanbod vervalt, wanneer het niet onmiddellijk wordt aanvaart. Art. 6:221 lid 1 bw
3.
Een aanbod kan worden herroepen, tenzij het een termijn voor de aanvaarding inhoudt of de onherroepelijkheid ervan op een andere wijze uit het aanbod volgt. Art. 6:219 lid 1 bw. Er moet dus spraken zijn van een termijn of een andere wijze waarop de onherroepelijkheid van een aanbod is aangegeven.
4.
Het betreft een niet feitelijke levering. Het eigendom gaat over van Chris Kemper naar Hans Klevering. De verzameling is op dit moment in handen van Wilfried Bottema. Uiteindelijk zal Wilfried Bottema de verzameling af moeten geven aan Hans Klevering mocht dhr Klevering dat willen. Voor de overdacht van het bezit is een tweezijdige verklaring zonder feitelijke handeling voldoende. Wanneer een derde (dhr Bottema) voor de vervreemder (dhr Kemper) de zaak hield, en haar na de overdracht voor de ontvanger (dhr Bottema) houdt. In dit geval gaat het bezit niet over voordat de derde de overdacht heeft erkend. Deze vorm van overdracht heet Longa Manu of lange hand.
Daar heb ik het met recht nu ook over, volgende week vrijdag tentamen.
Wat voor opleiding doe jij precies? Ik doe Logistiek en Economie aan den HAN te Nijmegen.